Camperreisverhalen           Fotosite           Gastenboek

!!! Klik op de foto's voor vergrote foto's en op de links voor meer foto's !!!

Op alle foto's is een copyright van toepassing.
Gebruik van één of meerdere foto's mag mits naamvermelding.


UIT IN EIGEN LAND: DE ARDENNEN

DEEL 2: Van Neufchâteau terug naar Veerle-Laakdal


1 september - 22 september 2020


Foto's gemaakt door Willy Horions en Andrea Brewée met Nikon D7200 en Sony HW10V






Reisroute 2:
Van Neufchâteau tot Veerle-Laakdal




Onderweg naar Poupehan


Het binnenplein van de Citadel


Brug Charles de Gaulle met reuzegrote Saxofoons

Woensdag, 16 september - Van Neufchâteau via Poupehan en Dinant naar Han-sur-Lesse

Zoals gisteren noteren we 34°C. We zetten koers naar Camping Île de Faigneul in Poupehan. De laatste kilometers zijn spannend. De weg is smal. Een tegenligger wordt een groot probleem. We zijn opgelucht als we bij de camping aankomen. En dan ... vernemen we dat we niet kunnen blijven.
Wat doen we nu? We beslissen om naar Dinant te rijden. Dat wordt ook niet simpel. In Dinant worden we omgeleid wegens werken. Uiteindelijk belanden we bij Camping De Devant Bouvigne. Er wordt naast 19 euro (wat volgens Acsi de prijs all in is) per dag ook 5 euro voor stroom gevraagd, plus 1,30 euro om te douchen. Dat zint ons niet. De hele camping voldoet niet voor ons.

Na overleg beslissen we om de Citadel van Dinant te bezoeken. Er is een grote gratis parking. Een toegangsticket kost 10 euro, inclusief het gebruik van de kabelbaan naar de stad beneden en terug naar boven.

De Citadel werd de in 11de eeuw gebouwd als verdedigingswerk boven op een rots. In 1466 werd de stad en zijn citadel met de grond gelijk gemaakt door Karel de Stoute. In de volgende eeuwen werd ze herhaaldelijk verwoest en weer opgebouwd. In de twee wereldoorlogen werd Dinant voor een groot deel door brand verwoest.

We nemen alle tijd om de Citadel, met zijn geschiedenis en herinneringen uit het verleden, te bezoeken. Van het binnenplein komen we in een museum met de keuken, cellen, de guillotine, een nagemaakte loopgraaf (wat zeer eng is om door te lopen), ...
Willy vindt vooral het wapenmuseum interessant. Er zijn wapens te zien uit de 17de, 18de en 19de eeuw maar ook een collectie wapens die gebruikt zijn in de Eerste Wereldoorlog
Als sluitstuk genieten we van een bijzonder mooi zicht op de stad Dinant, de Maas en de omliggende heuvels.

Met een 408 treden tellende trap kunnen we naar de stad beneden. Het kan ook met een kabelbaan. De trap vinden we te vermoeiend. We verkiezen de kabelbaan. De kabelbaan stopt beneden naast de Collegiale kerk Onze-Lieve-Vrouw.

We lopen de Charles de Gaulle Brug over naar de andere oever van de Maas.
Deze brug werd in 1953 in gebruik genomen en is opgedragen aan Charles de Gaulle omwille het voorval tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het regiment van Luitenant Charles de Gaulle bestormde op 15 augustus 1914 de Citadel om ze te heroveren op de Duitse bezetters. Hierbij werd hij, tijdens de oversteek van de brug, geraakt in zijn been.
De brug is 54 meter lang en 15 meter breed en heeft aan beide zijden voetgangersstroken.

Op de brug staan reuzegrote, kleurrijke saxofoons. Sinds de expo "Art on Sax" in 2010, staan er zo 28 verspreid in de hele stad, ter ere van Adolphe Sax (de uitvinder van de saxofoon) die in Dinant geboren is. Er is ook "Het Huis van Mijnheer Sax" een heel apart museum. Jammer genoeg hebben we geen tijd om het te bezoeken. Trouwens we hebben ook geen tijd om het Maison Leffe te bezoeken, laat staan hèt bier van Dinant te proeven.
We schieten een paar foto's van de bekende skyline van Dinant met zijn hoge huizen naast de Collegiale kerk, de hoge rotsen er achter en bovenop de Citadel. Prachtig!

En dan ... wordt het snellen om de laatste kabellift te halen die ons terug naar boven brengt. De Citadel sluit om 17.30 uur. Door het omliggend park stappen we naar de parking. Nadat we op adem gekomen zijn zorgt Willy voor een lekker diner.
Nu stelt zich de vraag: "Waar zullen we overnachten?". Op deze parking overnachten is ten strengste verboden. Na wat zoeken op Campercontact.nl verhuizen we naar Han-sur-Lesse. Een uurtje later staan we geparkeerd op de camperplaats. In dit seizoen betalen we 9.00 euro voor overnachting, lozen, water nemen en stroom.
En ... er valt hier nog wat te beleven ook. Er zijn de "Grotten van Han" en het "Wildpark".

Dag 16 -  168 km
Overnachting: Provincie Namen, 5580 Han-sur-Lesse, Rue de la Lesse 3, Parking Mobilhomes
Coördinaten:N 50.12765    E 5.1879



Skyline van Dinant met rechts de Brug Charles de Gaulle



Donderdag, 17 september - Wildpark Han-sur-Lesse

Het wordt frisser vandaag, amper 23°C. De camperplaats ligt op wandelafstand van het Domein van de Grotten van Han. De Grotten hebben we ooit bezocht. Nu willen we naar het Wildpark. Wegens Corona moet on line gereserveerd worden en is het aantal bezoekers beperkt. Wij hebben niet gereserveerd en hopen dat we toch binnen mogen. Bij de kassa horen we dat dit geen probleem is in het laagseizoen. Een ticket kost 19,50 euro.

Het Wildpark bezoeken kan met safari-car. Het is comfortabel en duurt 1,5 uur. Het kan ook te voet met een 5,5 kilometer lang wandelpad. Dat wordt een wandeling van minstens 3 uur.
Willy en ik kiezen er voor het park te voet en op eigen tempo te verkennen.
Omwille van Corona is een mondmasker verplicht op het hele Domein, behalve op het Wandelpad, waar het enkel verplicht is op de meest drukke plaatsen.

Een oude tram brengt ons naar de ingang van het Wandelpad (900m).
Hier begint onze ontdekkingstocht door een 250 hectare bos, een uitgestrekt groen park.
Wilde dieren zoals de poolwolf, edelhert, damhert, oeros, moeflon, ... maar ook de "Europese Big Five" (de wolf, de bruine beer, de lynx, de Europese bizon en de veelvraat) leven hier vrij in de natuur.

Het pad volgt een deel van de oude route die de tram sinds 1906 volgde en die 50 jaar lang toeristen naar de ingang van de Grot bracht. Onderweg valt veel info te lezen. Er zijn regelmatig uitzichtpunten waar we genieten van prachtige panorama's. Banken en picknicktafels zorgen voor rustpunten. Vanuit observatiepunten kunnen we dieren spotten. Hoewel, het vraagt veel geduld en geluk om ook maar een glimp op te vangen van die bijzondere dieren, laat staan een mooie foto te schieten.
Met een 5 meter hoge en 200 meter lange constructie lopen we door de kruin van de bomen. Een aparte ervaring om de omgeving van op een andere hoogte te zien. Vanop deze hangbrug is het panoramisch zicht op de oude Lessevallei uniek.
Een eindje verder observeren we lange tijd 4 witte wolven. Ze blijven ver van ons. Een mooie foto nemen lukt niet.

Na 2,5 kilometer arriveren we bij het Tivoli-huisje, een mini-snackbar waar we een hapje kunnen eten en drinken. Le Tivoli, de vroegere Brasserie Le Terminus, ligt aan het eind van de oude tramlijn. Voor ons is dit geen eindpunt, wel tijd voor een verdiende pauze.
Voor we verder wandelen, stoppen we even bij de fameuze "Afgrond van Belvaux". Hier verdween, 100.000 jaar geleden, de Lesse in de kalkachtige ondergrond en vormde zo het "Verdwijngat van Belvaux" en de grotten van Han. Twee kilometer verder komt de rivier weer aan de oppervlakte bij het verlaten van de grotten. Bij hevige regen of bij dooi van de Ardense sneeuw zet het overtallige water de hele oude Lessevallei onder water. Dit bijzonder natuurverschijnsel interesseert ons. Zelf had ik nog nooit van een "verdwijngat" gehoord.

Nog 3 kilometer te gaan. Dit laatste deel is pittiger, soms sterk dalend en stijgend en zeker niet te doen voor mensen die niet goed te been zijn. De dieren hebben veel ruimte om rond te lopen wat betekent dat je ze zelden dichtbij ziet behalve bij de voedingssessies.
Op het laatste stuk van de wandelroute passeren we de zone met de "Tree Tents" waar het mogelijk is om tussen de bomen te verblijven en te overnachten. Daar hangt wel een prijskaartje aan!
Uiteindelijk komen we bij de bruine beren wat het einde betekent van het Wandelpad. Vlakbij zien we nog een groep oerossen. Ze staan allemaal met hun achterste naar ons gericht wat niet uitnodigt om foto's te nemen.
Bij dit eindpunt is weer mogelijkheid om iets te drinken en uit te rusten terwijl we wachten op de tram die ons terugbrengt naar het dorp.

Het bezoek aan het Wildpark was een hele belevenis. Veel wilde dieren hebben we niet gezien of slechts heel in de verte. Jammer! De wandeling op zich en de omgeving waren super.

Dag 17 - Overnachting: 5580 Han-sur-Lesse, Rue de la Lesse 3, camperplaats (zie campercontact.nl)


5 meter hoge en 200 meter lange hangbrug



Het Wandelpad



Één van de vele kunstwerken gemaakt
uit natuurlijke materiaal



Slapen in de bomen in een tree-tent in het Wildpark





De Kerk Notre-Dame de la Visitation in het centrum



Rochefort: Zicht vanop de stenen brug

Vrijdag, 18 september - Van Han-sur-Lesse naar Rochefort

Al vroeg staan we geïnstalleerd op Camping Les Roches in Rochefort. Met ACSI-kaart betalen we 18 euro all in, ook de toeristentaks. De eerste dag betalen we slecht 13,5 euro. Dat valt mee.
Met een klimmend wegje door het park komen we in het centrum. Behalve de Kerk, Notre-Dame de la Visitation, is hier niet veel te zien. Langs de drukke weg zijn cafeetjes bistro's en restaurants. Hier een terrasje doen met de uitlaatgassen van de auto's zo dichtbij trekt ons niet aan.

In het toeristenbureau komen we meer te weten over Rochefort.
De Cisterciënzerabdij Notre-Dame de Saint-Remy is bekend om zijn trappistenbier dat hier al rond 1899 gebrouwen werd. De abdij zelf is niet toegankelijk voor het publiek omdat er nog steeds monniken wonen. De kerk is buiten de erediensten wel toegankelijk voor bezoekers. De brouwerij is te bezoeken na reservatie. Als particulier of toerist kan je er geen bier kopen. In restaurants en cafés van Rochefort kan "dé trappist" wel geproefd en in het toeristenbureau ook gekocht worden. We kopen een voorraadje trappistenbier om het thuisfront mee te verrassen. Bij ons vertrek naar een volgende verblijfplaats voorzien we een ommetje te maken langs de abdij, die zo'n drie kilometer van hier ligt.
Op de vraag of we in de omgeving kunnen fietsen, krijgen we interessant nieuws te horen. In Rochefort start een "Ravel", een fietsroute met knooppunten, die loopt van Jemelle in Rochefort tot in Houyet. Het is een 22 kilometer lange, vlakke weg in een voormalige treinbedding. Gewapend met een plannetje verlaten we content het toeristenbureau.
's Avonds in de camper starten we alvast onze eigen trappistenproeverij.

Dag 18 -  7 km
Overnachting: Provincie Namen, 5580 Rochefort, Rue du Hableau 26, Camping Les Roches (ACSI)
Coördinaten:N 50.15928    E 5.2262






Fietsweg Rochefort naar Houyet

Zaterdag, 19 september - Van Rochefort naar Houyet

25°C en volle zon: Na de middag wagen we ons aan een fietstocht naar Houyet. Een paar honderd meter van de camping komen we op de "ravel" die aanvangt in Jemelle. Het wordt een aangename tocht. De weg is inderdaad overwegend vlak en loopt door een prachtig stuk natuur, tussen bomen en langs een rivier.
Onderweg zien we in de verte, op een hoogte, het Kasteel van Vêves. Een bezoek aan dit kasteel staat op ons todo-lijstje. Met de fiets is dit niet te doen. Het zal voor een andere keer zijn.

In Houyet trekken we het dorp niet in maar blijven langs het water.
Een eind verder is een cafeetje met terras aan het water. Er zijn geen klanten voor het ogenblik. Hier houden we een lange pauze voor we aan de terugweg beginnen.
Om 17.00 uur zijn we terug bij de camper met op de teller 40 kilometer.

Dag 19 - Overnachting: Rochefort, Camping Les Roches (ACSI)



Zondag, 20 september - Van Rochefort naar Jemelle

Hetzelfde mooie weer als gisteren. 's Morgens maken we, langs smalle wegen, een wandeling naar Rochefort tot bij de supermarkt De Spar en ontdekken een ander Rochefort. Deze kant van het stadje staat ons meer aan dan het drukke centrum.

Na de lunch fietsen we nog eens naar de Ravel en nemen de andere richting, van Rochefort tot Jemelle. Na 3 kilometer zijn we al in Jemelle. We dachten een mooi, oud dorpje te vinden. Dat is het niet. Het is een doods en niet interessant dorp. We pedaleren wat door de straten en zien er niemand.
Na een uurtje zijn we weer bij de camping waar we de rest van de dag gewoon genieten van "niks doen" en ons voorbereiden om morgen de verkassen.

Dag 20 - Overnachting: Rochefort, Camping Les Roches (ACSI)





Maandag, 21 september - Van Rochefort via Annevoie-Rouillon naar Floreffe

We rijden naar Annevoie om er de Tuinen van Annevoie te bezoeken. In Rochefort maken we eerst nog een ommetje naar de Abdij die, zoals ons werd uitgelegd, gesloten is voor publiek. Er is wel beweging van binnen- en buitenrijdende auto's die leeggoed terugbrengen en/of bestellingen afhalen.

Voor we verder trekken naar Annevoie maken we halverwege een tussenstop in Cinay. De camper laten we achter op een parkeerterrein (Rue Saint-Quentin 5, 5590 Ciney) waar je volgens Park4Night ook mag overnachten. Het centrum is vlakbij. We flaneren door de winkelstraat, kopen bij een warme bakker een paar broodjes voor de lunch en zoeken de weg terug naar de camper.
Een uurtje later zijn we weer "en route".



Ongeveer 14.00 uur staan we op de parking van de Watertuinen van Annevoie.
Een toegangsticket kost 9,50 euro. Eigenaardig, er zijn niet veel bezoekers. Gelukkig! Zo hebben we alle ruimte en kunnen op eigen ritme rondzwerven door de Tuinen.

De enorme tuinen (48 ha) zijn in de 18de eeuw ontworpen en aangelegd rondom het kasteel in opdracht van Jean de Montpellier, de toenmalige eigenaar. Sindsdien zijn er verbeteringen en veranderingen aangebracht.
Al meer dan 250 jaar zoekt het water hier zijn weg, zonder machines, uitsluitend dankzij de natuurlijke niveauverschillen en dankzij het 400 meter lange Grand Canal.
Pas sinds de jaren 30 van de vorige eeuw zijn de tuinen open voor het publiek.



We wandelen tussen hagen en 200 jaar oude bomen, door de Bloemenlaan, langs de Franse Waterval, de Engelse Waterval, de Grot van Neptunus, ... .
Het is hier koel en fris wat deugd doet in deze hitte (25°C). Het geluid van de waterpartijen, de watervalletjes en fonteinen is rustgevend. We zien een 7 meter hoge waterstraal, vier beelden die de 4 seizoenen weergeven, een bloementuin, ... . Soay schapen, oude Europese schapen, doen dienst als natuurlijke grasmaaiers.
Soms verandert het uitzicht van de Tuinen. Van rechtlijnige lanen komen we in smallere, kronkelende wegen met kleinere fonteinen. Tussendoor rusten we even op een van de banken terwijl we volop genieten van de omgeving en de stilte.
Ons bezoek aan de Watertuinen eindig in de "Molen van Annevoie".





In de winkelstraat van Ciney



Tuinen van Annevoie



Kasteel in Tuinen van Annevoie


Waterpartij met op de achtergrond de 7 meter hoge waterstraal



17.00 u: Het is toegelaten om te overnachten op de parking van de Tuinen. Het terrein is stoffig en oneffen. We hebben geen zin om hier te blijven.
Op Campercontact.nl vinden we een camperplaats in Floreffe. Dat is wat we nodig hebben. Floreffe ligt op 16 kilometer van Annevoie en in de richting van Villers-la-Ville waar we morgen naartoe willen. Het is een mooie plaats aan de oever van de Samber, aan de voet van de abdij van Floreffe en op 250 meter van het centrum. Per nacht betalen we 8 euro. Service (chemisch toilet lozen, water nemen, stroom ) is extra te betalen. Grijs water lozen is gratis.
Het wordt de laatste overnachting van onze reis. Langer dan één nacht blijven we niet. Maar, we onthouden deze interessante plek.

Dag 21 -  66 km
Overnachting: Provincie Namen, 5150 Floreffe, Rue des Déportés
Coördinaten:N 50.43411    E .75657


Camperplaats aan de Samber in Floreffe




Dinsdag, 22 september - Van Floreffe naar Villers-la-Ville

22°C en volop zon. Op ons programma staat een bezoek aan de Ruïne van de Abdij van Villers. Bij de abdij zijn 6 gratis parkeerplaatsen voor campers. Er zijn geen voorzieningen en overnachten is verboden.
Een toegangsticket voor senioren kost 7 euro. Zoals overal tegenwoordig wordt ook hier, omwille van Covid-19, gezorgd voor hygiënemaatregelen en het houden van "social distancing".
We kunnen dus veilig de oude cisterciënzerabdij van Villers ontdekken.






De abdij kent een lange, opmerkelijke geschiedenis.
Klik hier voor de hele geschiedenis van de Abdij van Villers

  • Ze werd in 1146 gesticht in het diepste punt van de vallei van Villers.
  • In de loop van de 13de eeuw kende de abdij een hoogtepunt en werden de eerste gebouwen volledig herbouwd.
  • Van de 16de tot het einde van de 17de eeuw kent de Abdij een opeenvolging van rustige en woelige periodes en moesten de monniken een negental keer om veiligheidsredenen de plek verlaten.
  • In de 18de eeuw breekt de tweede gouden eeuw voor de abdij aan. Bepaalde middeleeuwse gebouwen worden heringericht in de klassieke stijl.
  • In 1796 werd de abdij geplunderd en beroofd door de Franse revolutionaire overheid. De abdij wordt afgeschaft en verkocht aan een handelaar in bouwmateriaal.
  • In de 19de eeuw trekken de enorme ruïnes de aandacht van romantici en kunstenaars.
  • In 1854-1855 wordt de spoorlijn Ottignies-Charleroi aangelegd en brengt de eerste toeristen naar de Abdij. De spoorlijn wordt dwars door de tuinen van het abtenpaleis aangelegd.
  • In 1893 begint de staat, die de nieuwe eigenaar is, restauratiewerken die onderbroken worden door twee wereldoorlogen. Het duurt tot 1984 vooraleer er nog eens restauratiewerken volgen.
  • In 2012 wordt de middeleeuws geïnspireerde tuin aangelegd met Geneeskrachtige Planten.
  • In 2014 werden ruimtes, die sinds jaren gesloten zijn, opnieuw opengesteld voor bezoekers.

  • Tegenwoordig zijn de Ruïnes van de Abdij van Villers eigendom van Wallonië, geclassificeerd als historisch monument en belangrijk erfgoed.
    Het is een toeristische trekplaats en telt jaarlijks zo'n 160.000 bezoekers.

    Bron: https://villers.be/nl/










    Er zijn vandaag weinig bezoekers en zo hebben we alle ruimte en alle tijd om dit immens grote domein te doorkruisen. We mogen vrij rondlopen in de tuinen en tussen de ruïnes en kunnen ons ongestoord uitleven met fotograferen.
    Deze ruïne, een stenen monument, ademt de sfeer van zijn verleden. Het heeft iets mysterieus. We vragen ons af hoe al die monniken en mensen hier leefden. Het domein is zo immens groot. Het lijkt wel of er een heel dorp woonde. Willy en ik kunnen er niet genoeg van krijgen.
    We zagen ooit de interessante ruïnes van de Abdij van Jumièges, de Abdij van Orval, het Monasterio de Piedra,... maar de Ruïnes van de Abdij van Villers vinden we toch de meest indrukwekkendste.

    Een bezoek aan de Abdij van Villers is een prachtige afsluiter van onze reis.
    Aangezien we hier niet mogen overnachten en er in de buurt geen camperplaats te vinden is, sjezen we naar Veerle. Twee uur later en na 87 kilometer zijn we thuis.

    Dag 22 -  120 km






    Ondanks de beperkingen door Covid-19 is onze camperreis "uit in eigen land" enorm meegevallen. Na drie weken zijn we terug thuis. Dat we niet langer onderweg waren, komt door de slechte weersvoorspelling voor de komende weken. Zo gauw we de kans zien, trekken we zeker terug naar de Ardennen.
    In totaal legden we 783 kilometer af.


    EINDE

    Groeten van Willy en Andrea
    Veel leesgenot!!!





             FOTOSITE          REISVERHALEN          Reacties welkom in ons GASTENBOEK

    P.S.: Alle gegevens die je hier vindt zoals adressen, prijzen, links naar andere sites, coördinaten, enz. zijn louter ter informatie. Ik ben niet verantwoordelijk voor gegevens die gewijzigd of fout zijn.